roeister

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) een vrouw die de roeisport als sport beoefend
    De daadwerkelijke verkiezing vindt plaats tijdens het Sportgala in de RAI op 19 december. Vorig jaar gingen de prijzen naar Formule 1-coureur Max Verstappen, turnster Lieke Martens, roeisters Maaike Head & Ilse Paulis (sportploeg), turncoach Vincent Wevers (coach) en zwemster Liesette Bruinsma (paralympische sporter).de Telegraaf 26 nov. 2017
    In de dubbeltwee lukte het beide Nederlandse teams de halve eindstrijd te bereiken. Bram Schwarz en Niki van Sprang eindigden woensdag in de herkansingen als tweede. Bij de vrouwen waren Marloes Oldenburg en Roos de Jong het snelst. De Oranje-roeisters bleven in de herkansing Zweden voor.de Telegraaf 27 sep. 2017

Etymologie

* van roeien

Vertalingen

Engelsoarswoman