rolluik

onzijdig (het)/ˈrɔlœyk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verticaal bewegende afsluiting voor een raam, deur of andere opening in een gebouw of andere ruimte
    Ik ben nu veilig achter een metalen valhek in een restaurant waar ik naar binnen ben gerend. Ze hebben het stalen rolluik laten zakken dus ik zit nu veilig. Tubantia Victor Schildkamp 17-08-17 [https://www.tubantia.nl/buitenland/nederlandse-edwin-zag-de-kogels-inslaan-amber-zag-een-lijf-vliegen~ac93df09/ Nederlandse Edwin 'zag de kogels inslaan', Amber zag 'een lijf vliegen']