rondreis
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈrɔntrɛis/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- reis met bezoek aan verschillende plaatsen of personenToevallig had ik aan het zwembad een gesprek gevoerd met een Zwitser, Wale, die met zijn gezin in een camper een rondreis maakte.
Vertalingen
Engelstheatrical tour, tour
Spaansgira, tournée
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek