Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

roodbuikgrondkoekoek

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. koekoeksvogels (koekoeksvogels) een vogel uit de familie (koekoeken). De vogel is genoemd naar de Franse natuuronderzoeker . Deze soort komt voor van Nicaragua tot Colombia en zuidelijk Brazilië en telt zes ondersoorten