roof

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) het openlijk en gewelddadig wegnemen van hetgeen een ander toebehoort
    In de loop van de Tweede Wereldoorlog werden de middelen van de door Duitsland veroverde gebieden systematisch uitgebuit door middel van roof, dwangarbeid, beroepsbelastingen en vordering.
  2. medisch (medisch) de korst van een wond
  3. van het Engels overgenomen woorden die betrekking hebben op dak zoals roofrack en roofrail

Etymologie

* In de betekenis van ‘wondkorst’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1351

Vertalingen

DuitsRaub, Kruste
Spaanscostra