roots
meervoud/ruːts/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- afkomst, afstamming
Etymologie
*, van "roots" "wortels", gebruikt in een figuurlijke betekenis
Vertalingen
Spaansraíces
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*, van "roots" "wortels", gebruikt in een figuurlijke betekenis