rosbief
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) (mooi rosé) geroosterd of gebraden rundvlees. Het kunnen stukken uit de dikke lende zijn, delen van de bovenbil, maar ze kunnen ook uit de schouder zijn gesneden
Etymologie
*Verminkte vorm van het Engelse roastbeef
Vertalingen
Engelsroastbeef
Fransrosbif
Spaansroast beef, roastbeef, rosbif
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek