rouge

/ˈruːʒə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. cosmetica (cosmetica) rood poeder of smeersel voor een blos op de wangen
    Tussen nagellak en tandpasta vond ze de dagcrème die ze zorgvuldig op haar gezicht aanbracht. Uit een laatje haalde ze rouge tevoorschijn die haar ten deel was gevallen met de inhoud van een toiletkastje, na haar moeders dood. Ze stipte eerst de linker- en toen de rechterwang aan.

Etymologie

* Van het Franse "rouge". In de betekenis van ‘rode schmink’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1779