Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
rubehobospatrijs
mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (hoendervogels) een vogel uit de familie fazantachtigen (Phasianidae). De rubehobospatrijs komt voor op het Rubehohoogland in Tanzania
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek