rugspuit
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈrʏxspœyt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (landbouw) sproeier met landbouwgif die men als een rugzak op de rug draagtMaar Henk Geerdink, en ook zijn vrouw Ineke, hebben er ook geen probleem mee om zelf met een rugspuit - en soms zelfs een bloemenspuit - de wei in te gaan om heel gericht onkruid als distels te bestrijden. Tubantia 07-05-10 [https://www.tubantia.nl/oldenzaal-e-o/met-een-bloemenspuit-de-distels-te-lijf~ae16df99/ Met een bloemenspuit de distels te lijf]
Vertalingen
Engelsknapsack sprayer, backpack pump
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek