rush

mannelijk (de)/rʏʃ/

Wat is de betekenis van rush?

rush betekent: grote toeloop van mensen die anderen voor willen zijn bij het behalen van een voordeel of het afwenden van schade

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. grote toeloop van mensen die anderen voor willen zijn bij het behalen van een voordeel of het afwenden van schade
  2. sport (sport) sneller dan anderen vooruit bewegen
  3. (balsport) met de bal snel vooruit rennen om zo een gelegenheid tot scoren te laten ontstaan
  4. (paardrijden) sneller draven om een of meer andere deelnemers aan een wedstrijd in te halen of een voorsprong te vergroten
  5. drukte als gevolg van de snelle opeenvolging van zaken die aandacht vragen
  6. overweldigende korte roes waarin men zich buitengewoon goed voelt
  7. filmkunst (filmkunst) afdruk van stuk opgenomen filmmateriaal, zoals dat vroeger werd gebruikt voor het monteren

Voorbeelden van "rush" in een zin

  • Gisteren vond er een rush plaats op supermarkten en winkels. De bevolking sloeg massaal water en etenswaren, die niet aan bederf onderhevig zijn, in.
  • Jeen hervatte zijn lange rush naar de werkelijke eindstreep, hij had maar weinig tijd verloren.
  • Makaay tikte de bal na een rush naast.
  • Het is alsof het stilstaan bij de taal, het zich bezinnen op zijn poëzie-instrument Pieter Polanen de bezinning bracht waaraan hij in het dagelijks leven niet toe kwam. Daardoor brachten die momenten die we dan de ‘inspiratie’ noemen, lagen in hem boven die in de rush van alledag verborgen bleven.
  • Tijdens zijn lessen aan de KUL maakt Tytgat zijn studenten duidelijk dat er twee drugs zijn waar je nooit, maar dan ook nooit mee mag experimenteren: "De ene is heroïne. Daar is het risico op verslaving immens groot. Iedereen gaat eronderdoor." Tytgat beaamt ook dat de initiële rush die je van heroïne krijgt 10 000 keer sterker is dan het meest intense orgasme.

Betekenis en uitleg van rush

Het woord 'rush' verwijst naar een plotselinge en vaak intense beweging of activiteit, meestal gekenmerkt door snelheid en urgentie. Het kan zowel fysiek als emotioneel zijn, zoals het gevoel van adrenaline bij spannende situaties.

Je gebruikt 'rush' vaak wanneer je het hebt over drukke momenten, bijvoorbeeld in een winkel tijdens een uitverkoop of wanneer je haast hebt om op tijd ergens te komen. Het woord draagt een gevoel van opwinding of stress met zich mee, afhankelijk van de context. Het kan ook een positieve connotatie hebben, zoals de opwinding van een sportevenement of een avontuur.

Voorbeelden

  • Tijdens de ochtendspits is er altijd een rush van mensen die naar hun werk haasten.
  • De rush van adrenaline was overrompelend toen hij de finishlijn bereikte.
  • We moeten ons haasten, want de rush voor de laatste kaarten begint over een uur.

Woordoorsprong

Het woord 'rush' komt oorspronkelijk uit het Engels en is verwant aan het idee van snel bewegen of stromen, wat in veel contexten terugkomt.

Veelgestelde vragen over rush

Wat is de betekenis van rush?

rush betekent: grote toeloop van mensen die anderen voor willen zijn bij het behalen van een voordeel of het afwenden van schade

Hoeveel betekenissen heeft rush?

rush heeft 7 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft rush?

rush is een mannelijk (de).

Wat zijn synoniemen van rush?

Synoniemen van rush zijn: stormloop.

Hoe gebruik je rush in een zin?

Voorbeeld: “Gisteren vond er een rush plaats op supermarkten en winkels. De bevolking sloeg massaal water en etenswaren, die niet aan bederf onderhevig zijn, in.

Etymologie

*van "rush"