sadist

mannelijk (de)/saˈdɪst/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. seksualiteit (seksualiteit) iemand die bevrediging zoekt in het pijnigen van een ander
    Sadisten werken graag als ondervragers of in het gevangeniswezen.
    Bepaald geestig is hoe Peter, na het debacle met zijn eerste vriend, probeert ‘pittiger’ te worden, aan de hand van een SM-handboek, ‘De betere sadist’, waarvoor de Vijftig tinten grijs-trilogie als voorbeeld heeft gediend. Hij deelt dus af en toe wat klappen en zweepslagen uit, zonder dat zijn seksleven er bijzonder van opfleurt.
  2. figuurlijk (figuurlijk) iemand die kennelijk plezier beleeft aan het leed of de moeite die hij anderen bezorgt
    Terwijl ik dat irritante sirene’tje hoor loeien, de klep langzaam voor mijn neus dicht gaat en een olijke sadist me nog even hartelijk uitzwaait (hij vaart, ik vloek) probeer ik te bedenken waarom ik het wachten op de pont van en naar Noord zo verschrikkelijk vind.

Etymologie

*afgeleid van het "sadisme" , mogelijk onder invloed van "Sadist"

Vertalingen

Engelssadist, Engelse vertaling
Franssadique, Franse vertaling
DuitsSadist, Sadistin, Duitse vertaling
Spaanssádico, Spaanse vertaling
Deenssadist