saldo
onzijdig (het)/ˈsɑldo/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het eindbedrag wanneer alle tegoeden en verplichtingen in rekening gebracht zijnHet saldo is altijd nog flink positief.
Etymologie
* Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘overschot’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1569
Vertalingen
Engelsbalance, bottom line
DuitsSaldo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek