samenhang

mannelijk (de)/ˈsamə(n)ˌhɑŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. toestand waarin er een onderling verband bestaat
    Amerikaanse macht, of het nu gaat om de militaire suprematie of diplomatieke overredingskracht, devalueert als er twijfels rijzen over de interne samenhang. Kan deze wereldspeler als het erop aan komt wel als eenheid opereren?
  2. mate waarin er een onderling verband is
    Je zou dat algemeen beschaafd koeterwaals kunnen noemen: realistische taal, zonder al te veel samenhang.

Etymologie

*: "samenhangen"