samentrekken
/ˈsamə(n)ˌtrɛkə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) in elkaar trekkenDe hartspier trekt ongeveer zestig keer per minuut samen.
- (ov) bij elkaar brengenRusland heeft zo'n 100.000 zwaarbewapende militairen aan de grens met Oekraïne samengetrokken.
Vertalingen
Engelscontract, amass
Franscontracter
Duitszusammenziehen
Spaanscontraer, astriñir, astringir
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek