scanner

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. informatica, optica (informatica), (optica) een elektronisch apparaat waarmee op papier gedrukte tekst of afbeeldingen worden omgezet in digitale bestanden voor een computer
    Ik heb een scanner gekocht waarmee ik dia's en foto's kan digitaliseren.
  2. informatica, economie (informatica), (economie) een (rand-) apparaat om barcodes mee te lezen
    Naast de ingebouwde scanners heeft elke kassa ook nog een losse handscanner beschikbaar.
  3. elektronica (elektronica) een radiocommunicatie-ontvanger (mobilofoon, portofoon e.d.) die steeds alle kanalen langsgaat en stopt op een bezet kanaal
    De oninteressante kanalen kan ik op deze scanner laten overslaan.
  4. medisch (medisch) de in de geneeskunde toegepaste instrumenten waarmee volgens verschillende technieken, beelden worden verkregen die uit vele lagen zijn samengesteld
    We werken al enige maanden met de nieuwe scanner .
  5. techniek (techniek) een toestel voor de identificatie van dieren met een ingebrachte microchip
    Het dierenasiel heeft nu ook zo'n scanner om weggelopen dieren thuis te brengen.

Etymologie

* van scannen

Vertalingen

Engelsscanner
Spaansescáner