schaats

mannelijk/vrouwelijk (de)/sxats/

Wat is de betekenis van schaats?

schaats betekent: (sport), (schoeisel) een ijzer dat onder de schoenen wordt gebonden of aan de schoenen is vastgemaakt, om zich daarmee over het ijs te verplaatsen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. sport, schoeisel (sport), (schoeisel) een ijzer dat onder de schoenen wordt gebonden of aan de schoenen is vastgemaakt, om zich daarmee over het ijs te verplaatsen

Voorbeelden van "schaats" in een zin

  • Hij staat recht op zijn schaatsen.

Betekenis en uitleg van schaats

Een schaats is een speciaal soort schoeisel met een metalen mes onder de zool, waarmee je over ijs kunt glijden. Het is een populair middel om te schaatsen, een sport die vooral in de winter beoefend wordt wanneer de wateroppervlakken bevroren zijn.

Het woord 'schaats' wordt vaak gebruikt in de context van schaatsen op natuurijs of in een schaatshal. Schaatsen kan zowel recreatief als competitief zijn, en het is een geliefde activiteit in Nederland, vooral tijdens de wintermaanden. Er zijn verschillende soorten schaatsen, zoals ijshockeyschaatsen en kunstschaatsen, die elk hun eigen specifieke toepassingen en technieken vereisen.

Voorbeelden

  • Tijdens de koude wintermaanden trekken veel mensen hun schaatsen aan om op het natuurijs te glijden.
  • Op de schaatsbaan zag ik een groep kinderen die met veel plezier hun eerste stappen op de schaatsen zetten.
  • Professionele schaatsers trainen jarenlang om deel te nemen aan grote wedstrijden zoals de Elfstedentocht.

Woordoorsprong

Het woord 'schaats' komt waarschijnlijk van het Middelnederlandse 'schats', wat 'schoen' of 'schoen met een mes' betekent.

Veelgestelde vragen over schaats

Wat is de betekenis van schaats?

schaats betekent: (sport), (schoeisel) een ijzer dat onder de schoenen wordt gebonden of aan de schoenen is vastgemaakt, om zich daarmee over het ijs te verplaatsen

Welk woordgeslacht heeft schaats?

schaats is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Wat zijn synoniemen van schaats?

Synoniemen van schaats zijn: glijijzer.

Hoe gebruik je schaats in een zin?

Voorbeeld: “Hij staat recht op zijn schaatsen.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘ijzeren voetsteun om over ijs te gaan’ voor het eerst aangetroffen in 1567

Uitdrukkingen

  • Een rare schaats rijdenZich vreemd of onbezonnen gedragen
  • Een scheve schaats rijdenEen misstap begaan

Vertalingen

Engelsice skate, skate
Franspatin
DuitsSchlittschuh
Spaanspatín
Russischконьки
Japansスケート
Poolsłyżwy
Zweedsskridsko
Deensskøjte