schap

onzijdig (het)/sxɑp/

Wat is de betekenis van schap?

schap betekent: een plank om iets op te zetten

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een plank om iets op te zetten

Voorbeelden van "schap" in een zin

  • Met mijn boodschappenlijst voor de komende maand in de aanslag stortte ik me op de schappen en na anderhalf uur duwde ik twee volle winkelwagens de supermarkt uit richting het postkantoor.
  • In veel winkels zijn ondertussen lege schappen te vinden. Vooral versproducten als zuivel, vlees, fruit en eieren zijn nog moeilijk te krijgen. Dat komt enerzijds doordat de blokkades het onmogelijk maken om de producten aan te vullen en anderzijds doordat de producten die nog beschikbaar zijn bederven en dus weggegooid moeten worden.

Betekenis en uitleg van schap

Het woord 'schap' verwijst naar een plank of een vak in een kast, vaak gebruikt om spullen op te bergen of te tonen. Denk aan de planken in je keuken waar je borden staan, of de schappen in een winkel vol met producten.

Je gebruikt het woord 'schap' meestal in contexten waar het gaat om opbergruimte of presentatie van goederen. Het kan zowel in huiselijke situaties als in commerciële omgevingen voorkomen. Bovendien kan 'schap' ook een metaforische betekenis hebben, bijvoorbeeld als je spreekt over 'de schappen van de samenleving', waarmee je verschillende lagen of groepen aanduidt.

Voorbeelden

  • De boeken op het bovenste schap zijn al jaren niet meer aangeraakt.
  • In de supermarkt zag ik dat het schap met biologische producten net was bijgevuld.
  • Tijdens de verhuizing ontdekte ik dat het schap in de garage vol zat met oude spullen die ik niet meer nodig had.

Veelgestelde vragen over schap

Wat is de betekenis van schap?

schap betekent: een plank om iets op te zetten

Welk woordgeslacht heeft schap?

schap is een onzijdig (het).

Wat zijn synoniemen van schap?

Synoniemen van schap zijn: legplank.

Hoe gebruik je schap in een zin?

Voorbeeld: “Met mijn boodschappenlijst voor de komende maand in de aanslag stortte ik me op de schappen en na anderhalf uur duwde ik twee volle winkelwagens de supermarkt uit richting het postkantoor.

Etymologie

* In de betekenis van ‘plank’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1433

Vertalingen

Engelsshelf
Fransrayon, étagère, rayonnage
DuitsSchrankfach, Brett, Einlegeboden
Spaansanaquel, estante
Italiaansscaffale
Portugeesprateleira
Russischполка
Chinees架子
Japans
Koreaans선반
Arabischرف
Turksraf
Poolspółka
Zweedshylla
Deenshylde