schijntje

/ˈsxɛiɲcə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (te) klein bedrag
    Op het gymnasium van mijn dochters wordt met veel trompetgeschal sport aangeboden: verzorgd door de sportclubs in de buurt, voor een schijntje. Mijn dochters hebben nu drie keer aan dat soort naschoolse activiteiten (Topscore genoemd) deelgenomen. Het Parool 3 JULI 2017 [https://www.parool.nl/opinie/-dikke-kinderen-niet-bereikt-met-obesitasaanpak-gemeente~a4504006/ 'Dikke kinderen niet bereikt met obesitasaanpak gemeente']

Etymologie

*afgeleid van "schijn"