schim
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Wat is de betekenis van schim?
schim betekent: fantoom of geestverschijning is een vermeend verschijnsel dat in het volksgeloof doorgaans in verband wordt gebracht met de ziel of geest van een overleden persoon die niet tot rust kan komen
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- fantoom of geestverschijning is een vermeend verschijnsel dat in het volksgeloof doorgaans in verband wordt gebracht met de ziel of geest van een overleden persoon die niet tot rust kan komen
- is de schaduw die een object werpt op een ondergrond of een ander voorwerp, schaduwbeeld
Voorbeelden van "schim" in een zin
- Vanuit natuurwetenschappelijk perspectief is men sceptisch over het bestaan van schimmen.
Etymologie
* In de betekenis van ‘schaduw’ voor het eerst aangetroffen in 1437
Vertalingen
Engelsghost, phantom
Spaansfantasma, sombra
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek