schitteren

/ˈsxɪtərə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. inerg (inerg) een sterk licht verspreiden
    Die ring schitterde wel heel erg.
  2. inerg (inerg) opvallen
    Hij schitterde door niet naar de rechtbank te komen.

Etymologie

* In de betekenis van ‘glinsteren’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1617

Uitdrukkingen

  • Schitteren door afwezigheid

Vertalingen

Duitsglänzen, strahlen, glänzen