Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
schnitzelpaniek
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- paniek onder Oostenrijkse ongevaccineerden toen er voor hun stengere lockdownmaatregelen werden afgekondigd en ze zich alsnog lieten vaccineren
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek