schrap
mannelijk/vrouwelijk (de)/sxrɑp/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een beschadiging van een oppervlak gemaakt door de beweging van een scherp voorwerp eroverHij had wat schrappen en blauwe plekken, maar verder niet.
- een streep gezet door ietsHij had er een schrap doorheen gezet die niet meer uit te stuffen was.
- een schuine streep (/), wat een leesteken is, en in computerterminologie ook (forward) slash, wat een scheidingsteken of operator is.De streep tussen 'ja/nee' heet een schrap of schuine streep.
Etymologie
* In de betekenis van ‘inkrassing’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1573
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek