schuieren

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) met een enigszins ruw voorwerp een stoffen of leren voorwerp bewerken ter reiniging
    Hij schuierde zijn juchtleren jasje en het was weer als nieuw.
  2. tweede betekenisomschrijving.
    Zin met het paginawoord in de tweede betekenis erin.
  3. enz.