schuimbekken
/ˈsxœymbɛkə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) zo woedend zijn dat het schuim om de mond staatEr werd geschuimbekt en getierd, maar het maakte allemaal niets uit.
- tweede betekenisomschrijvingZin met het schuimbekken in de tweede betekenis erin.
- enz.
Etymologie
*Samenstellende afleiding van de stam van schuimen en bek
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek