schuitje

/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. werktuigbouwkunde (werktuigbouwkunde) houdertje voor de schietspoel in een weef-of naaimachine

Uitdrukkingen

  • In hetzelfde schuitje varen/zittenGezamenlijk in dezelfde (vaak ongunstige) omstandigheden verkeren, hetzelfde lot ondergaan