seniorenwoning

vrouwelijk (de)/seniˈjorə(n)ˌwonɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) huis dat door ligging, omvang en ontwerp geschikt is voor mensen met een hogere leeftijd
    Noodknoppen in seniorenwoningen zijn inmiddels heel gewoon, omdat de bewoners erom vragen en ook de opdrachtgever van dergelijke woningen, meestal een overheid, er het voordeel van inziet.
  2. corporatiewoning die alleen aan mensen op hogere leeftijd verhuurd wordt
    Ik was op zoek naar een seniorenwoning. Die zijn er niet. Daarvoor moet je iets mankeren. En ik mankeer niets.