september

mannelijk (de)/sɛpˈtɛmbər/

Wat is de betekenis van september?

september betekent: (tijdrekening) negende maand van het jaar

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. tijdrekening (tijdrekening) negende maand van het jaar

Voorbeelden van "september" in een zin

  • Op 21 september begint de herfst.
  • Er is slechts een beperkt aantal maanden (tussen maart en september) geschikt om de sneeuwstormen te vermijden in de High Sierra’s en de Cascadebergen bij Canada.

Etymologie

*Komt van het Latijnse mensis September (de zevende maand). Het Romeinse jaar begon oorspronkelijk met de maand maart, waardoor september dus de zevende maand was.

Vertalingen

EngelsSeptember
Fransseptembre
DuitsSeptember
Spaansseptiembre
Italiaanssettembre
PortugeesSetembro, setembro
Russischсентябрь
Chinees九月
Japans9月
Koreaans구월
Arabischسبتمبر
Turkseylül
Poolswrzesień
Zweedsseptember
Deensseptember