serveren

/sɛrˈverə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov, voeding (ov), (voeding) iets op tafel opdienen, meestal als onderdeel (gang [3]) van een maaltijd
    Zij serveerden daar heerlijk eigengebakken brood bij.
    Barman Victor Abeln liet gisteren aan RTL Boulevard weten dat meer dan de helft van de ontmoetingen tijdens het vorige seizoen heeft geleid tot een match. Hij gaat ook in de nieuwe reeks weer drankjes en hapjes serveren aan naar liefde en een relatie hunkerende mannen en vrouwen. Tubantia reikhalzend [https://www.tubantia.nl/show/kansloze-en-geslaagde-dates-voortaan-dagelijks-op-de-buis~a35e024c/ Kansloze en geslaagde dates voortaan dagelijks op de buis]
    En ze had tenslotte een levenslange opleiding gehad als het ging om alle gerechten die in betere restaurants werden geserveerd (en daarbij nog heel wat Noorse, voegde ze er lachend aan toe) en hetzelfde gold voor de wijnen, de wijnkelder in Villa Bellevue was altijd meer dan goed voorzien geweest.
  2. ov, sport (ov) (sport) de bal opslaan
    Die bal werd niet goed geserveerd en werd daardoor met gemak door de tegenstanders teruggeslagen.

Etymologie

*afgeleid van het Franse servir () [https://fr.wiktionary.org/wiki/servir Wiktionnaire]

Vertalingen

Engelsserve
Fransservir
Duitsauftragen, servieren, aufschlagen
Spaansservir