shampoo
mannelijk (de)/ˈʃɑmpo/
Wat is de betekenis van shampoo?
shampoo betekent: (huishouden) product, meestal in vloeibare vorm, dat bedoeld is om het haar te wassen
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (huishouden) product, meestal in vloeibare vorm, dat bedoeld is om het haar te wassen
Voorbeelden van "shampoo" in een zin
- Heb jij de fles shampoo ergens gezien?
- Volledig gekleed stapte ik het bad in en spoot er shampoo bij.
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘haarwasmiddel’ voor het eerst aangetroffen in 1950
Vertalingen
Engelsshampoo
Fransshampooing, shampoing
DuitsShampoo
Spaanschampú
Italiaansshampoo, sciampo
Portugeeschampô, xampu
Russischшампунь
Japansシャンプー
Koreaans샴푸
Turksşampuan
Zweedsschampo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek