shift

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bedrijfskunde (bedrijfskunde) ploeg van een ploegendienst
    Initiatiefnemer Katja Heinrich, eigenaar van een evenementenbureau, wilde het jaar beginnen „met iets leuks voor zichzelf”. Het aanvankelijke idee was om het café maar één dag te openen. Omdat de kaarten (met hondje 5 euro en zonder hondje 10 euro) binnen een dag waren uitverkocht, is het evenement uitgebreid naar drie dagen, twee shifts per dag. Per shift van drie uur zijn telkens zo’n vijftig mensen aanwezig en dribbelen er zo’n dertig rimpelige hondjes rond.Reformatorisch Dagblad 25-01-2018 [https://www.rd.nl/vandaag/binnenland/mopshondjescaf%C3%A9-opent-tijdelijk-in-amsterdam-1.1462815 Mopshondjescafé opent tijdelijk in Amsterdam ]
    Kantoorwerkers en thuiswerkers werkten als team onder dezelfde manager. Ze werkten dezelfde shift en werden gelijk beloond. Het enige verschil was dus de locatie waarin zij hun werk verrichtten.Tubantia Priscilla van Agteren 23-04-2018 [https://www.tubantia.nl/tubantia-werkt/volgens-dit-onderzoek-zou-iedereen-beter-thuis-kunnen-werken~a5a623ac/ Volgens dit onderzoek zou iedereen beter thuis kunnen werken ]
  2. informatica (informatica) toets op het computertoetsenbord waardoor o.a. hoofdletters kunnen worden getypt
    Druk op de shift.
  3. verandering of verplaatsing van de ene naar de andere plaats of toestand
    In een brief aan de Europese Commissie waarschuwde de ACEA vorig jaar al voor extra CO2-uitstoot als gevolg van de verschuiving van diesel naar benzine, ook toen zonder één enkele verwijzing naar de eigen verantwoordelijkheid voor die shift.Tubantia Frans Boogaard 24-04-18 [https://www.tubantia.nl/buitenland/dieselgate-bom-onder-klimaatafspraken~acf6910c/ 'Dieselgate bom onder klimaatafspraken']

Etymologie

* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘ploegendienst, ploeg’ voor het eerst aangetroffen in 1989