shock
mannelijk (de)/ʃɔk/
Wat is de betekenis van shock?
shock betekent: (medisch) een toestand die ontstaat door acute te geringe bloedtoevoer naar weefsels door ondervulling van het slagaderlijk systeem.Let op, emotionele of psychologische shock heeft niets met het medische begrip shock te maken!!
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) een toestand die ontstaat door acute te geringe bloedtoevoer naar weefsels door ondervulling van het slagaderlijk systeem.Let op, emotionele of psychologische shock heeft niets met het medische begrip shock te maken!!
- heftige emotie
Voorbeelden van "shock" in een zin
- De patiënt is in een acute shock geraakt.
- Mijn ogen zagen dat het wonderschoon was, maar ik kon er, doordat ik nog door de storm op Mount Whitney in shock was, geen seconde van genieten.
Etymologie
* van het Engels
Vertalingen
Engelsshock
Spaanschoque, choque circulatorio
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek