Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

sjiva

mannelijk/vrouwelijk (de)/สƒiหˆva/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. rouwperiode van zeven dagen na de begrafenis van een familielid

Etymologie

* Herkomst: Hebreeuws, letterlijk: 'zeven'

Vertalingen

Engelsshiva