sjouwen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- lopen met een zware ladingHij liep met zakken aardappelen te sjouwen.Er zou die dag namelijk pas na 32 kilometer water te vinden zijn, waardoor ik zeven liter water boven op mijn basisuitrusting mee moest sjouwen.
Etymologie
*>: skiāva: schuiven
Vertalingen
Engelshaul, carry
Franstrimballer, traîner
Duitsschleppen
Spaanscargar
Zweedskånka
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek