ski

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. sport (sport) lange lat waarop men zich voortbeweegt over een geschikt medium (sneeuw, water) vaak om sport te bedrijven

Etymologie

* Leenwoord uit het Noors, in de betekenis van ‘sneeuwschaats’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1874

Vertalingen

Engelsski
Fransski
Spaansesquí