Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
skink
mannelijk (de)/skɪŋk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (reptielen) benaming voor hagedissen uit de familieDe reuzenpadden (Bufo marinus) uit Australië laten zich nergens door tegenhouden. Zelfs niet door de blauwe tong van deze hagedis, een ‘blauwtongskink’. De padden vreten zo’n skink gewoon op.
Etymologie
*via """, "scinc" en Latijn "scincus" van "σκίγκος" (skígkos)
Vertalingen
Engelsskink
Fransscinque
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek