slaafsheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- gedrag dat duidt om te grote onderdanigheidDoor iedereen uitgekotst, zo gedroegen zelfs hun nazaten zich nog - gemakshalve ook tegenover toeristen, die niet goed raad wisten met zoveel vijandige slaafsheid.Hoewel... Donners slaafsheid is gespeeld, zijn onderhorigheid is eigenlijk cynisme; hij wilde bal zijn om God stiekem te laten winnen, want anders zou die elke wedstrijd verliezen.
Etymologie
* afleiding van slaaf
Vertalingen
Engelsslavishness, servility
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek