Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
slangenhalsschildpadden
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (reptielen) een familie van schildpadden. Een groot aantal soorten heeft een zeer lange nek, echter niet allemaal. Alle soorten leven in Australië, Nieuw-Guinea en Zuid-Amerika, en zijn vrij sterk tot zeer sterk aan water gebonden. Geen enkele soort wordt gemiddeld groter dan 50 centimeter, de kleinste soorten blijven rond 15 cm
Etymologie
* "slangenhalsschildpad" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek