slapeloosheid

vrouwelijk (de)/xxxx/

Wat is de betekenis van slapeloosheid?

slapeloosheid betekent: (psychologie) (medisch) een slaapstoornis, het niet kunnen slapen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. psychologie, medisch (psychologie) (medisch) een slaapstoornis, het niet kunnen slapen

Voorbeelden van "slapeloosheid" in een zin

  • Dat het hier en daar een beetje pijn deed, had niets met de slapeloosheid te maken, ik had het wel erger meegemaakt.

Veelgestelde vragen over slapeloosheid

Wat is de betekenis van slapeloosheid?

slapeloosheid betekent: (psychologie) (medisch) een slaapstoornis, het niet kunnen slapen

Welk woordgeslacht heeft slapeloosheid?

slapeloosheid is een vrouwelijk (de).

Wat zijn synoniemen van slapeloosheid?

Synoniemen van slapeloosheid zijn: insomnie.

Hoe gebruik je slapeloosheid in een zin?

Voorbeeld: “Dat het hier en daar een beetje pijn deed, had niets met de slapeloosheid te maken, ik had het wel erger meegemaakt.

Etymologie

*afgeleid van slapeloos

Vertalingen

Engelssleeplessness, insomnia
Fransinsomnie
DuitsSchlaflosigkeit
Spaansdesvelo, insomnio
Deenssøvnløshed