slavink

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈslavɪŋk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) rolletje gehakt (gemalen en gekruid) met een lapje spek erom

Etymologie

* , een variatie op de blinde vink die goed zou smaken bij "sla", in 1952 bedacht door de Nederlandse slager Ton Spoelder

Vertalingen

Engelsroulade
DuitsRoulade
Spaanspaupiette, popieta