slivovitsj
mannelijk (de)/ˈslivoˌvitʃ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (drinken) een brandewijn gedestilleerd uit gefermenteerde pruimen zoals deze gestookt wordt in Midden-Europa en op de Balkan
Etymologie
* Leenwoord uit het Servisch, in de betekenis van ‘pruimenbrandewijn’ voor het eerst aangetroffen in 1843
Vertalingen
Engelsslivovitz, slivovitsa
Fransslivovitz
DuitsSliwowitz
Spaansslivovitz, slivovice
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek