slobberen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (intr) te ruim zitten, lubberen, flodderen
- (ov) onfatsoenlijk, hoorbaar drinken, slurpen
Etymologie
* In de betekenis van ‘slordig en hoorbaar eten’ voor het eerst aangetroffen in 1599
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek