Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
slotkerk
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- tot een kasteel behorende ruimte voor het houden van missenDe eigen slotkerk was het enige wat in aanmerking kwam, sinds driehonderd jaar of daaromtrent.De koning en de koningin zullen de werkkamer van Luther bekijken, waar hij de Bijbel naar het Duits vertaalde. Later deze week bezoekt het paar de Slotkerk in Wittenberg waar Luther zich in 1517 uitsprak tegen de aflaathandel in de kerk in 95 stellingen; het was het begin van zijn strijd tegen het pauselijk gezag.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek