smeerkaas

mannelijk (de)/ˈsmerkas/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) een zacht soort kaas dat uitgesmeerd kan worden op bijvoorbeeld brood
    Ik doe vaak smeerkaas op m'n brood.

Etymologie

* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘smeerbare kaas’ voor het eerst aangetroffen in 1950

Vertalingen

Engelscheese spread
DuitsSchmelzkäse
Spaansqueso para untar, queso de untar, queso untable
Deenssmøreost