Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
smeerpijperij
vrouwelijk (de)/ˈsmerpɛipəˌrɛi/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- viezigheidMaar mijn eerste schoonmoeder bijvoorbeeld zette altijd koekepannen met allerlei smeerpijperij op mijn handschriften.
- erg walgelijke of zedeloze handeling of uitingEn dit is pornografie, dit hoort niet in dit boek, dit is smeerpijperij voor vieze oude mannen.
Etymologie
*afgeleid van smeerpijp
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek