Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

sneeuwhoop

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een grote opeenhoping van sneeuw
    "Het heeft sinds donderdag alleen maar gesneeuwd. Het is niet voor te stellen hoe hoog zo'n sneeuwhoop wordt. Je kunt nergens heen, je zit vast in het hotel."
    Drie zware tractoren moesten er in de buurtschap Nutter aan te pas komen om een melktankwagen los te trekken. Op het platteland zitten de zware wagens om de haverklap vast in de opgewaaide sneeuwhopen. „Ophalen van de melk gaat heel moeizaam met dit extreme weer.”