sneeuwstorm

mannelijk (de)/'snew.stɔrm/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. meteorologie (meteorologie) hevige sneeuwval gepaard met sterke wind
    Door de sneeuwstorm kon ik niet naar mijn werk komen.
    De een-na-laatste dag werd ik getroffen door een enorme sneeuwstorm die de hele dag duurde.
    Er is slechts een beperkt aantal maanden (tussen maart en september) geschikt om de sneeuwstormen te vermijden in de High Sierra’s en de Cascadebergen bij Canada.

Vertalingen

Engelssnowstorm
Franstempête de neige
DuitsSchneesturm
Spaanstormenta de nieve
Italiaanstormenta, tormenta di neve, tempesta di neve
Russischбуран, пурга
Zweedssnöstorm