snijden
/ˈsnɛɪdə(n)/
Wat is de betekenis van snijden?
snijden betekent: (ov) met een scherp voorwerp in stukken delen
Betekenis
werkwoord
- (ov) met een scherp voorwerp in stukken delen
- met een scherpvoorwerp afbeeldingen in hout snijden
- (ov) (bridge) de tegenstander een hoge kaart, gewoonlijk de koning, uit handen spelen
- (wiskunde) een gemeenschappelijk punt hebben met een andere lijn
- castreren
- (verkeer) van de weg afdringen na het inhalen
- (iemand...) bedriegen, afzetten
Voorbeelden van "snijden" in een zin
- Met de broodzaag sneed hij twee dikke plakken vers brood.
- Gijs Uit onderzoek blijkt dat traanvocht veroorzaakt door het snijden van bijvoorbeeld uien heel anders van samenstelling is dan tranen van ontroering of tranen van verdriet.
- Mijn jongste zoon vraagt weleens plagend wie toch die werkloze zwerver is die een keer per jaar het vlees komt snijden.
- Ze dronken voorzichtig van een halve fles laat geoogste moezelwijn, voor namelijk om iets voor zich te hebben staan op de mooi gesneden tafel in de erker.
Etymologie
*(erfwoord) Via *snīthan van *snīþanan.
Vertalingen
Engelscut, finesse
Franscouper
Duitsschneiden
Spaanscortar
Italiaanstagliare
Zweedsskära
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek