sokkel
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een voetstuk, voornamelijk voor beeldenHet beeld werd op een sokkel geplaatst.Midden op het plein staat een monument van blauw brons, een man in poolkleding op een vierkante sokkel.
Etymologie
* Van het Franse "socle", in de betekenis van ‘voetstuk’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1850
Uitdrukkingen
- Iemand van zijn sokkel stoten — Iemand van zijn of haar aanzien/verhevenheid ontdoen
- Iemand op een sokkel plaatsen — Iemand veel aanzien toedichten, vaak met de bijgedachte dat dit aanzien onverdiend of in ieder geval overdreven is
Vertalingen
Engelspedestal
Franssocle
DuitsSockel
Spaanspedestal
Italiaanspiedistallo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek