sop

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gewoonlijk warm water waaraan schoonmaakmiddel is toegevoegd
    Ik zal even een sopje maken om dat schoon te maken.
  2. scheepvaart (scheepvaart) het zeewater
    Hij koos het ruime sop.
  3. kookkunst (kookkunst) kooknat

Etymologie

* In de betekenis van ‘zeepwater’ voor het eerst aangetroffen in 1611